Post-polio.nl

Met elkaar voor elkaar

Facebook Like button

JRPassphrase Registration Control

In order to register on this site, you must first submit the passphrase below.

Doe het maar 3 en 3

Boeken

Blik op oneindig

There are no translations available.

blikop

 

 

Bovenstaand boek is geschreven door Rein Schinkel.

Hij vertelt over zijn ervaringen tijdens revalidatie na een hernia operatie.

Zijn dochter heeft na zijn dood dit boek aan de hand van zijn aantekeningen samengesteld en in een beperkte oplage laten drukken.

Bij voldoende belangstelling wordt er een nieuwe druk uitgebracht.

Auteur:

geboren in 1930 in Amsterdam, kreeg polio in zijn linkerbeen op een leeftijd van 9 maanden,

Altijd op krukken gelopen tot ver na zijn trouwen (1958), daarna was er de mogelijkheid van een beugel om het been,

waardoor hij redelijk gewoon kon lopen, in ieder geval een stuk mobieler was en minder afhankelijk van anderen.

Hij heeft altijd lichamelijke problemen ondervonden van de beugel (knellen, blaren stuklopen tot bloedens toe e.d.),

hoewel in de loop der jaren het materiaal steeds prettiger en lichter werd.

Op 62-jarige leeftijd kreeg hij plotseling een hernia en moest daarna 7 maanden revalideren in De Trappenberg in Huizen.

Hij moest opnieuw leren lopen en dat gaat erg lastig als je maar een been hebt ... deze periode is hem erg zwaar gevallen

en na afloop heeft hij dan ook in eerste instantie voor zichzelf die periode opgeschreven om zijn gevoelens te kunnen uiten, wat nu resulteert in een echt boek.

Helaas heeft hij dit zelf niet meer kunnen zien ... hij is overleden aan kanker in 2004.

Hij heeft dit boek in de derde persoon geschreven en het leest door de leuke schrijfwijze erg prettig.

Zijn voorwoord gaat als volgt:

 

Met dit verhaal is gepoogd de gevoelens van patiënten/revalidanten uit te drukken

zoals zij die ondergaan tijdens het ziekte-/revalidatieproces.

Voortdurend worden zij door artsen, therapeuten, familie en vrienden beoordeeld naar hun genezing/vorderingen

waarbij dan een te verwachten toekomstbeeld gevormd wordt.

De patiënt/revalidant denkt dan mee aan de toekomst en wil ieder uur gebruiken om hieraan te werken.

Maar er ligt een enorm tijdsverschil tussen de uren dat men met herstel/revalidatie bézig is en de uren

waarin onontkoombaar gewacht moet worden op de volgende behandelingen.

Het zijn juist déze uren voor het slapen gaan of soms de vele nachtelijke uren van wakker liggen,

waarin vele beelden uit het verleden voorbij schieten.

Het zijn vaak momenten van bezinning: 'Hoe heb ik het gedaan, had het beter gekund? Hoe zal ik straks weer functioneren?'

Natuurlijk zijn deze gedachten afhankelijk van het ziektebeeld. Doch hoe ingrijpender de ziekte, des te sterker worden vergelijkingen getrokken tussen vroeger en de toekomst.

Voor het overgrote deel worden deze gedachten door patiënten/revalidanten alleen verwerkt zonder buitenstaanders er in te betrekken.

Met dit schrijven wordt geprobeerd een indruk te geven van wat er in de pati­ënt/revalidant omgaat, voordat alle goed bedoelde adviezen van buitenaf geaccepteerd kunnen worden.

Wanneer er nog meer geïnteresseerden zijn, dan kan zij nogmaals een nieuwe druk laten maken.

De kosten zijn Euro 16,95 (+ 2,70 verzendkosten).

Informatie bij: Wanda Schinkel < Diese E-Mail-Adresse ist gegen Spambots geschützt! Sie müssen JavaScript aktivieren, damit Sie sie sehen können. >

Polio, een ziekte om nooit te vergeten

There are no translations available.

Polio, een ziekte om nooit te vergeten

Publicatiedatum:
20-05-2011
Wijzigingsdatum:
20-05-2011
Auteur:Hans van Vliet

Om de herinnering aan de slachtoffers van de polio-epidemieën levend te houden, schreven twee leden van VSN Spierziekten Nederland het boek ‘Polio, een ziekte om nooit te vergeten`

De auteurs, Els Symons en Aadje de Groot, hebben het aan den lijve ondervonden. Zij verzamelden de verhalen van lotgenoten en doken in de geschiedenis van de polio-epidemieën. De twee belangrijkste medisch specialisten uit Nederland schreven een hoofdstuk over het postpoliosyndroom en het RIVM zorgde voor het historisch perspectief: de epidemieën, de behandeling met de ijzeren long en de komst van het vaccin. En nog steeds duiken jaarlijks nieuwe gevallen van polio op in Nederland – nu bij immigranten uit landen waar het poliovirus niet is uitgeroeid. Het boek is 16 mei in leiden gepresenteerd aan Peter Timofeeff, ambassadeur van de Rotary-actie End Polio Now.

Fragment uit het boek

´Ze zeiden dat ze me in een machine gingen  stoppen die me beter ging maken. Ik had geen idee wat voor machine ze bedoelden en was bang.
Ze reden me naar een andere kamer en daar stond een heel grote machine. Ze deden die open en legden mij erin, met mijn hoofd door een gat. Ze  zeiden dat ik rustig moest blijven liggen en dat ik me dan beter zou voelen. Dat was ook zo, ik kon makkelijker ademhalen.´

Boekgegevens

A. de Groot en Els Symons, Polio, een ziekte om nooit te vergeten. 124 pagina´s met illustraties. ISBN nr.: 978-90-816331-3-0. Prijs € 19,95 inclusief verzendkosten. Te koop via webwinkel.vsn.nl http://webwinkel.vsn.nl./

Nemesis – Philip Roth

There are no translations available.


Geplaatst op 10 november 2010 door Jeroen Vullings in Fictie, Recensie

Een gymleraar stelt zich tijdens een polio-epidemie heldhaftig op. In de nieuwe, huiveringwekkende roman van Philip Roth  betekent dat: levensgevaarlijke hybris.

Sterk aan Philip Roths historische fictie is hoe hij daarin een vervlogen tijd aanraakbaar en nabij maakt en tegelijkertijd het verschil met nu laat uitkomen. Het verhaal in zijn eenendertigste boek, de roman Nemesis, speelt grotendeels in de jaren veertig van de vorige eeuw in New Jersey. Om precies te zijn: Newark, 1944. De oorlog woedt voelbaar; de jongemannen die daartoe lichamelijk in staat zijn, vechten in de Pacific of Frankrijk. De drieëntwintigjarige Eugene ‘Bucky’ Cantor niet. Zijn jonge leven lang heeft hij met halters getraind om marinier te kunnen worden, maar toen hij zich op 8 december 1941 – de dag na de Japanse aanval op Pearl Harbor – aanmeldde, werd hij afgekeurd: te slechte ogen. Zijn twee boezemvrienden, met wie hij destijds in de rij voor het aanmeldkantoor stond, zijn wél uitgezonden.

Bucky maakt er het beste van. Als gymnastiekleraar en speelplaatsleider wil hij de (overwegend) joodse kinderen gevoel van eigenwaarde geven, een moreel en fysiek voorbeeld voor hen zijn. Er aldus zijn voor ‘zijn jongens’ ervaart hij als zijn persoonlijke bijdrage aan de Tweede Wereldoorlog. Maar dan breekt een polio-epidemie uit: een oorlog aan het thuisfront die je niet kunt winnen.

Helemaal Roth: polio als katalysator voor menselijk gedrag. Het zou nog een paar jaar duren voor er een vaccin werd ontwikkeld ter bestrijding van polio. De wildste theorieën deden de ronde over hoe je het kon oplopen, de strafste maatregelen ter preventie werden genomen en de wanhoop en vertwijfeling waren immens – zeker toen er kinderdoden bij de vleet gingen vallen. De kerngezonde, sterke sporters die Bucky onder zijn hoede heeft, raken van de ene op de andere dag verlamd en in het ergste geval sterven ze. Onverteerbaar voor iedereen, maar vooral voor hun ouders, die naar verklaringen blijven zoeken. De Italianen zouden erachter zitten of, vanuit een ander perspectief, de Joden. Hysterie alom.

Polio is inmiddels geen bedreiging meer voor de westerse wereld. Toch is die massale angst van toen niet alleen voorstelbaar, maar ook (dankzij Roth) invoelbaar. Ook in deze tijd dreigt geregeld nog een pandemie: het Sars-virus of, recenter, de Mexicaanse griep. Zulke momenten van onmacht tegen een nietsontziende plaag vergroten het besef van sterfelijkheid en zo bezien zijn we minder ver verwijderd van de donkere Middeleeuwen dan we denken. Zoals Albert Camus’ La peste een vertelling over het fascisme was, is polio hier een metafoor voor ons onzekere, wankele bestaan.

Tegelijk toont Roth evenzeer hoe groot de kloof tussen 1944 en nu is: door de volstrekt andere, toenmalige mentaliteit weer te geven. Al die meisjes die rolbevestigende liedjes zingen bij het touwtjespringen; al die jongens die degelijke, hardwerkende, nobele mannen willen worden; dat oprechte vertoon van gemeenschapszin en optimisme, dat die samenleving kenmerkte. Bucky is daar een schrijnend voorbeeld van: ondanks alle tegenslag in z’n bestaan (moeder in kraambed gestorven, vader een veroordeelde dief, vormende grootvader overleden, dan nog z’n bijziendheid) richt hij zich vol verantwoordelijkheidszin op de toekomst. Het is groots hoe hij zich opstelt tijdens de beproeving door de epidemie: vastberaden, kalm, onverschrokken, met een wijs woord voor iedereen: van bange moeders en desperate vaders tot paniekerige kinderen.

Een geknakte goeie jongen

Wat is een held? Iemand die straffeloos onvoorzichtig is geweest, schreef W.F. Hermans al. Bucky is zo’n held en door zijn hybris wekt hij de toorn der goden op. Al zijn we daarmee op Oud-Grieks terrein, toch zal het Roth (Newark, 1933) met z’n titelkeuze niet letterlijk om Nemesis, godin van de wrekende gerechtigheid gaan, zij die zorgt voor een kosmisch eerlijke verdeling van geluk. In de Engelstalige editie van Nemesis heeft Roth zijn werk gehergroepeerd: de recente romans Everyman, Indignation en The Humbling schaart hij nu met Nemesis onder de thematische noemer ‘Nemesis: Short Novels’. Wat dit kwartet vereent, is dat ze de val van een mens tonen onder de almacht van het grillige lot – Nemesis volgens Roth. Zo ook Bucky, ‘een geknakte goeie jongen’ in de historische parabel Nemesis, dat de overmoed van deze ‘maniak van het waarom’ hekelt. ‘Opeens besefte hij hoe verschillend levens verlopen en hoe weerloos ieder van ons is tegenover de macht van het toeval. En wat speelt God daar voor een rol in?’ En ook weer niet hekelt, want wat kon Bucky anders? Had hij het bovendien echt bij het verkeerde eind?

Ook al lijkt Nemesis een eenvoudiger Roth dan we gewend zijn, toch moet je hem verteltechnisch nooit onderschatten. Zelden is een verteller betrouwbaar in zijn fictie. Op pagina 106 blijkt ‘terloops’ wie de verteller is: ‘Ik, Arnie Mesnikoff’, een jongetje dat op de speelplaats honkbal speelde onder leiding van ‘meneer Cantor’. Ook hij kreeg polio. Vlak voor het einde van het verhaal, in 1971, ontmoet hij meneer Cantor weer. De invalide Arnie heeft in sociaal en maatschappelijk opzicht wat gemaakt van zijn leven, maar Bucky heeft daarvan afgezien. Arnies oordeel over zijn vroegere leraar is vernietigend: hij is door zijn tijd vermalen omdat hij dat toestond, en hij voelt zich schuldig voor iets waaraan hij geen schuld kan hebben.

Zijn geloof heeft Bucky verloren, zijn verloofde heeft hij van zich vervreemd, omdat hij zichzelf ziet als ‘de onzichtbare pijl’ die anderen en zichzelf besmette. Hij zocht de oplossing van zijn problemen in toewijding en hard werken en dat bleek er niet toe te doen – wederom petst de nihilist Roth in het blije gezicht van de Amerikaanse Droom. Een gezicht als dat van Arnie.

Maar meneer Cantor, de leraar die voor jongens als Arnie nooit mocht versagen, de speerwerpende reuzenzoon Hercules, was pas drieëntwintig toen hij beproefd werd – een adolescent die groter moest zijn dan hij was. Wellicht daarom wordt hij in het verloop van het door de volwassen Arnie vertelde verhaal niet langer aangeduid als meneer Cantor, maar als Bucky.

Nemesis doet huiveren bij herlezing. Doordat we helemaal op de hoogte zijn van Bucky Cantors tragische lot – de goeddoener die ongeweten het virus droeg – zien we welke krankzinnige risico’s hij nam. Op een gegeven ogenblik vaart een jongen uit tegen de plaatselijke imbeciel Horace, die altijd met de honkbalspelertjes handen wil schudden, maar die het uit onmacht aan persoonlijke hygiëne ontbreekt. Inmiddels weten we dat besmetting met polio niet alleen via druppeltjes in de lucht verloopt, maar ook van de ontlasting naar de mond – Horace. Meneer Cantor gaat om te laten zien dat er niks aan de hand is Horace’ hand schudden – en daarna raakt hij zijn pupillen aan. Dit is maar een voorbeeld van de vele, waarin normaliter onschuldig gedrag levensgevaarlijk uitpakt. Misschien vond die besmetting toen op een andere wijze plaats, misschien ook niet. We weten het niet, zegt Roths indringende existentiële roman, en dat is alles wat er is.

Post Polio Syndrome - Management and Treatment in Primary Care

There are no translations available.

Post Polio Syndrome - Management and Treatment in Primary Care (ISBN 978-0-955475-20-7)

is geschreven door 7 gezondheids professoren in Ierland. Het 65 pagina´s bevattende boek kan gedownload worden bij http://www.ppsg.ie/dloads/PostPolioBooklet.pdf, the site of Post-Polio Support Group Ireland.

Adempause

There are no translations available.

Adem pause
Linda Kavelin-Popov deed jarenlang werk dat haar werkelijk gelukkig maakte. Maar toen was de koek opeens op. Bij sommige mensen is het een burn-out, bij anderen een depressie, bij haar was het de terugkeer van de polio uit haar kindertijd. Langzaam voortbewegend, dankbaar voor betere dagen, moest Linda haar krachten weer opbouwen Luisterend naar haar intuïtie en de adviezen die haar hart haar ingaf, schreef ze Adempauze, een waarachtig steunend en troostend boek voor iedereen die door omstandigheden (tijdelijk) in een heel andere levensfase terechtkomt.
‘Adempauze bevat levendige voorbeelden van hoe we ons dagelijks leven meer betekenis en inhoud kunnen geven. Ik hoop dat de lezers die de aanwijzingen uit dit boek in de praktijk gaan brengen de vrede zullen ervaren die deel uitmaakt van werkelijk geluk.’ DE DALAI LAMA

Ik ben het op dit moment aan het lezen. Als ik het uit heb, zal ik een commentaar schrijven.

Nederlands (Nederland)Deutsch (DE-CH-AT)English (United Kingdom)